Materiaal Bovenbouw

Van ieder spel ziet u het doel, de plaats, de eventuele benodigdheden en de uitwerking. Doel van dit materiaal is dat kinderen leren begrijpen dat voor hun gehandicapte leeftijdgenootjes heel veel 'gewone' dingen lang niet altijd vanzelfsprekend zijn.

  1. Rolstoelrace
  2. Hindernispad
  3. Jagers in het woud
  4. Strikken
  5. Begeleiden
  6. Krukken lopen / klossen lopen / loopreklopen / prothese lopen
  7. Ongelukstikkertje
  8. Kralen rijgen met handschoenen
  9. Verven met voeten
  10. Goalbal
  11. Doventolk
  12. Fluisterspel
  13. Hockeyspel
  14. Tijgeren
  15. Zitvolleybal
  16. Werken met drietallen

rolstoelrace11. Rolstoelrace

Doel
In deze les gaat het niet zozeer om het goed uitvoeren van de oefeningen. Het beter leren bewegen staat niet centraal. Het belangrijkste in deze les is dat de kinderen ervaren hoe het is om te moeten bewegen en om te moeten gaan met een handicap. Het inleven en beleven staat centraal.

  • De kinderen kunnen eigen ervaringen m.b.t. lichamelijke beperkingen verwoorden.
  • De kinderen in de klas kunnen elkaar vertrouwen met de activiteiten.
  • De kinderen proberen zich zo eerlijk mogelijk in te leven in het hebben van een lichamelijke beperking.
  • De kinderen krijgen het besef hoe het is om te moeten leven met een lichamelijke beperking.
  • De kinderen ondervinden de aanpassingen die nodig zijn om goed om te kunnen gaan met een lichamelijke beperking.
  • De kinderen kunnen zich voorstellen hoe belangrijk het is om hulp en voorzieningen te krijgen als je een lichamelijke beperking hebt.

rolstoelrace2Plaats
Gymzaal of speelplaats.
Maak een startlijn en finishplaats en plaats daartussen diverse obstakels en routes.

Materiaal
Rolstoel (te leen via het Liliane Fonds of bijvoorbeeld het wit-gele kruis of de thuiszorgorganisatie in uw buurt).
Diverse materialen om een circuit te maken: matten, banken, pylonen, kegels, enz.

Uitwerking
De race kan individueel gedaan worden of met begeleiding van een medeleerling.
Kinderen mogen eerst het rijden in een rolstoel verkennen. Daarna wordt het parcours verkend. De kinderen slalommen in de rolstoel tussen de pylonen door en gooien hun basketbal die zij onderweg meenemen, uiteindelijk in de basket. Wanneer iedereen verkend heeft, mogen er twee kinderen tegen elkaar strijden wie het eerst de bal in de basket heeft.
Ook zonder basketonderdeel is snelheid het doel. Wie is als eerste met zijn rolstoel aan de overkant of aan het eind van het circuitje? Dit doel kan gecombineerd worden met nauwkeurigheid: wie kan het parcours afleggen zonder botsingen?
Een aantal onderdelen in het parcours kunnen zijn:

  • slalom rond drie matten
  • bal in de basketring gooien op aan afstand van 2,5 m
  • kegels halen en één voor één terugbrengen naar startplaats
  • nemen van een 'drempel'

2. Hindernispad

Doel
Hindernispad is een kimspel: dat zijn spelen, waarbij je een beroep doet op de zintuigen. Het doel is leerlingen te laten ervaren hoe het is om met een lichamelijke beperking om te moeten gaan. Doel is tevens te leren hoe je een gehandicapte helpen kan.

Plaats
Gymzaal of speelplaats

Materiaal
Krijt; blinddoeken

Uitwerking
In dit spel begeleidt de één de ander. Teken met krijt een pad op de grond, bestaande uit twee lijnen, die ongeveer 50 cm. uit elkaar liggen, zo kronkelig mogelijk en met een paar hindernissen. De leerlingen lopen nu voorzichtig over het pad en mogen daarbij de afbakening niet overschrijden. De leerlingen lopen in een 2-tal. Een van de twee heeft een blinddoek om. Degene die leidt moet proberen zijn 'blinde' partner zo goed en zo snel mogelijk over het pad te sturen.

3. Jagers in het woud

Doel
Jagers in het woud is een kimspel: dat zijn spelen, waarbij je een beroep doet op de zintuigen. Het doel is leerlingen te laten ervaren hoe het is om met een lichamelijke beperking om te moeten gaan. Doel is tevens te leren hoe je een gehandicapte helpen kan.

Plaats
Gymzaal of speelplaats

Materiaal
Blinddoeken, diverse toestellen uit de gymzaal

Uitwerking
De helft van de leerlingen is 'jager in het oerwoud'. Ze moeten zich met gesloten ogen voorzichtig vrij door de ruimte bewegen. De andere helft van de leerlingen is 'nachtuil'. Zij moeten de jagers begeleiden en hen door middel van hun oehoe-oehoe-geroep waarschuwen voor een dreigende botsing met bomen, struiken enz. (dit kunnen matten, korfbalpalen, kasten enz. zijn). Daarbij mogen ze de jagers op wie ze moeten letten niet aanraken en ook niet door te praten de aandacht trekken. Als het toch tot een botsing komt, mogen beiden niet meer meedoen.

4. Strikken

Doel
Het doel is leerlingen te laten ervaren hoe het is om met een lichamelijke beperking om te moeten gaan.

Plaats
Klaslokaal, gymzaal of speelplaats

Materiaal
Eigen schoenen

Uitwerking
Probeer je eigen schoen te strikken terwijl je slechts één hand gebruikt.

5. Begeleiden

Doel
Begeleiden is een kimspel: dat zijn spelen, waarbij je een beroep doet op de zintuigen.
Het doel is leerlingen te laten ervaren hoe het is om met een lichamelijke beperking om te moeten gaan. Te ervaren dat je afhankelijk bent; maar ook dat je kunt helpen.

Plaats
Gymzaal of speelplaats

Materiaal
muziekinstrument; blinddoeken

Uitwerking
In dit spel begeleidt de één de ander. De leerlingen maken 2-tallen; Van elk 2-tal heeft één kind een blinddoek om. Onder begeleiding van een slaginstrument, dat door de leerkracht bespeeld wordt, bijvoorbeeld een tamboerijn of triangel, bewegen ze zich op het aangegeven ritme vrij door de ruimte. Het ziende kind leidt zijn 'blinde' partner zo door de ruimte. Niet te grote groepen kunnen ook een menselijke slang vormen, waarbij iedereen, behalve de voorste, zijn ogen sluit en er blind op vertrouwt dat de 'slangenkop' hen heelhuids door de ruimte leidt.

6. Krukken lopen / klossen lopen / loopreklopen / prothese lopen

Doel
Het belangrijkste in deze les is dat de kinderen ervaren hoe het is om te moeten bewegen en om te moeten gaan met een handicap. Het inleven en beleven staat centraal. Voor kinderen met een handicap zijn twee punten van belang:

  • Zij moeten zo veel mogelijk gebruik kunnen maken van de algemene voorzieningen die er voor alle kinderen zijn.
  • Zij moeten, daar waar het nodig is, gebruik kunnen maken van speciale voorzieningen.

Plaats
Gymzaal of speelplaats
Maak een startlijn en finishplaats en plaats daartussen diverse obstakels en routes.

Materiaal
Krukken, klossen, rollators of andere looprekjes
Bij het Liliane Fonds zijn ook protheses te leen.
Bij het wit-gele kruis of de thuiszorgorganisatie in uw omgeving of een behulpzame ouder/oma/ buurtgenoot/ collega kunt u vaak ook terecht.

Uitwerking
De kinderen mogen het lopen met de krukken verkennen evenals het lopen met een of twee klossen, een looprek of een prothese. Daarna verkennen zij hiermee het parcours door langs en over alle obstakels te lopen. Dit alles natuurlijk op één been. Wanneer dit goed gaat, mogen er twee kinderen het tegen elkaar opnemen.

7. Ongelukstikkertje

Doel
Het belangrijkste in deze les is dat de kinderen ervaren hoe het is om te moeten bewegen en om te gaan met een handicap. Het inleven en beleven staat centraal. "Wanneer je naar de Olympische Spelen kijkt, denk je dat alle mensen zonder problemen kunnen springen, rennen, en zwemmen. Dat is niet zo. Kinderen die bijvoorbeeld verlamd zijn, kunnen alleen maar sporten met speciale hulp. Kinderen mogen zo min mogelijk last hebben van hun handicap. Daar moet iedereen zijn best voor doen."

Plaats
Gymzaal of speelplaats

Uitwerking
De kinderen kiezen een tikker. De andere kinderen proberen niet getikt te worden. Er zijn geen vrijplaatsen. De tikker probeert een loper op een lastige plek te tikken. Wanneer dit lukt, wordt deze loper tikker. De nieuwe tikker houdt een hand op de plek waar deze getikt is. Deze neemt dan een beperking aan, bijv. alleen hinken is toegestaan. Of 1 hand op de rug houden. Het kan dus heel lastig worden om een ander te tikken. Wanneer het te lang duurt, mag de tikker op eigen initiatief wisselen.

8. Kralen rijgen met handschoenen

Doel
Het belangrijkste in deze les is dat de kinderen ervaren hoe het is om te moeten bewegen en om te moeten gaan met een handicap. Het inleven en beleven staat centraal.

Plaats
In de klas

Materiaal
(Dikke) handschoenen, kralen en rijgdraad

Uitwerking
Probeer het maar!

9. Verven met je voeten

Doel
Het belangrijkste in deze les is dat de kinderen ervaren hoe het is om te moeten bewegen en om te moeten gaan met een handicap. Het inleven en beleven staat centraal.

Plaats
In de klas

Materiaal
Verf, papier en voeten

Uitwerking
Succes!

goalbal10. Goalbal

Doel
Het doel van goalbal is te ervaren hoe het is om blind of slechtziend te zijn, maar toch te kunnen sporten. Goalbal is zelfs een officiële (paralympische) sport voor visueel gehandicapten en kan ook worden gespeeld met gemengde teams van wel en niet gehandicapten

Plaats
Gymzaal of speelplaats

Materiaal
6 blinddoeken of afgeplakte brillen, rinkelbal, 4 pylonen.
Het speelveld is 18 x 7,5 meter of bijvoorbeeld een volleybalveld.
De goal bevindt zich op de achterlijn en wordt aangegeven door middel van 2 pylonen aan weerszijden van de achterlijn.
Er zijn 2 teams van 3 spelers. Iedere speler heeft de rol van keeper. Zij bevinden zich op de achterlijn tussen de pylonen. Door matten neer te leggen kunnen spelers voelen waar ze zitten.

Uitwerking
De spelers worden geblinddoekt en nemen hun posities in. Een speler van een partij begint en rolt de rinkelbal onderhands, vanuit zit of kniezit, naar de overkant. De spelers bewegen zich naar de aankomende bal toe, geleid door het gerinkel van de bal en zij moeten proberen de bal tegen te houden. Gaat de bal toch tussen keepers en pylonen door, dan is er een doelpunt gemaakt. De bal wordt steeds heen en weer gerold. Door het rollen maken de belletjes in de bal geluid en kan de tegenstander zich oriënteren op de richting van de bal. De bal mag daarom niet worden gegooid. Een hoge bal wordt bestraft met een penalty.
Om te voorkomen dat de spelers tegen elkaar duiken, hebben zij zich in een driehoek opgesteld: een middenvoorspeler en twee buitenachterspelers.
Alle spelers hebben dezelfde handicap en zijn aangewezen op het gehoor en de concentratie. Mede hierom duurt de wedstrijd slechts twee keer zeven minuten zuivere speeltijd.

11. Doventolk

Doel
Doventolk is een kimspel: dat zijn spelen, waarbij je een beroep doet op de zintuigen. Het doel is dat leerlingen ervaren wat het is om een lichamelijke beperking te hebben. In dit geval: iets duidelijk proberen te maken aan een dove.

Plaats
Klaslokaal

Uitwerking
De groep splitst zich in paren. De één houdt steeds zijn oren goed dicht, zodat hij geen geluid meer kan horen. Hij is de dove. De ander probeert hem nu met gebaren een mededeling of een beschrijving duidelijk te maken. De dove haalt de handen van de oren en beschrijft wat hij begrepen heeft. Daarna nemen de partners elkaars rol over.

12. Fluisterspel

Doel
Het fluisterspel is een kimspel: dat zijn spelen, waarbij je een beroep doet op de zintuigen. Het doel is dat leerlingen ervaren wat het is om een lichamelijke beperking te hebben. In dit geval: een gefluisterde mededeling goed door te geven.

Plaats
Klaslokaal

Uitwerking
Het doel van dit fluisterspel is goed luisteren en precies doorgeven wat je gehoord hebt. De leerlingen zitten in een kring. De leerkracht geeft een woord of kleine tekst door aan een van de leerlingen. Deze fluistert dat, zonder dat iemand anders dit kan horen of zien, door aan zijn rechterbuurman/vrouw, en deze weer aan degene die rechts van hem/haar zit. Dit totdat het bericht bij de laatste is aangekomen; deze zegt hardop wat hij heeft aangezegd gekregen.

13. Hockeyspel

Doel
Het doel is dat leerlingen ervaren wat het is om een lichamelijke beperking te hebben.

Plaats
Gymzaal of speelplaats

Materiaal
Hockeysticks, tennisballen, blokjes (doel), touwtjes (of arm op de rug), aantal pylonen.

Uitwerking
De hockeystick wordt vastgehouden met één hand (voorkeurshand). De andere arm bevindt zich op de rug of wordt vastgebonden. Met de hockeystick wordt de bal voortbewogen tussen de pylonen door. Vanaf de laatste pylon probeert men een doelpunt te maken, door de bal tegen de muur in een aangegeven vakje te pushen.

14. Tijgeren

Doel
Het doel is dat leerlingen ervaren wat het is om een lichamelijke beperking te hebben.

Plaats
Gymzaal of speelplaats

Materiaal
Doek of mat, pylonen.

Uitwerking
Plaats de pylonen op 10 meter afstand.
De leerlingen moeten zich verplaatsen in buiklig, met gebruik van de armen/handen.
Ze starten bij de startlijn. Ze leggen hun benen/voeten op het matje of de doek. Daarna moeten ze zich met behulp van armen/handen voortbewegen. De benen slepen ze mee. Naar de pylon en weer terug. De benen en voeten worden dus niet gebruikt. De doek of mat moet onder de voeten blijven.

15. Zitvolleybal

Doel
Het doel is te ervaren hoe het is om niet staand te kunnen spelen.

Plaats
Gymzaal

Materiaal
Speelveld van 6x10 m., hoogte net 1.00 m., volleybal.

Uitwerking
Zitvolleybal wordt gespeeld door twee teams van zes spelers. De spelregels zijn gelijk aan die van zaalvolleybal, met als toevoeging dat een speler tijdens het opspelen van de bal contact moet hebben met de vloer met het zitvlak of enig deel van de romp.
Ook zitvoetbal is een leuk alternatief!

16. Werken met 3-tallen

Doel
De leerlingen laten ervaren en laten oefenen hoe ze iemand die niet kan lopen toch mee kunnen nemen.

Plaats
Gymzaal of speelplaats

Uitwerking
Twee leerlingen staan met de gezichten naar elkaar toe en geven elkaar de handen, zodat een zitplaats ontstaat voor nr. 3. Deze gaat op hun armen/handen zitten en deze leggen dan lopend een afstand af.

heitje_karweitje

Gratis actiepakketten

U kunt kiezen voor twee kant-en-klaar pakketten (Heitje voor karweitje en Sponsorloop) of uw eigen wervende actie opzetten. Lees meer

Digitaalschoolbord

Lesmateriaal voor digitaal schoolbord

Er is nu gratis interactief lesmateriaal verkrijgbaar dat uitermate geschikt is voor een digitaal schoolbord. Het lesprogramma is bedoeld voor groep 5-6 of groep 7-8.